Voorzieningen, basis voor ontplooiing eigen werkstijl

outside

Werken kan tegenwoordig overal. Anytime, Anyplace. Als je maar een dak boven je hoofd hebt, met je laptop in de schaduw kunt zitten, koffie kunt bestellen, naar het toilet kunt, je spullen veilig kunt laten liggen, de stekker in het stopcontact kunt steken of een printje kunt maken. Werken kan  overal als je maar over de juiste voorzieningen beschikt. Daarom zullen voorzieningen een steeds belangrijker rol gaan vervullen in de openbare ruimte en in gebouwen.

Optimale benutting
De eerste werkplekinnovaties kwamen voort uit het bewustzijn, dat werkplekken steeds vaker onbenut bleven als gevolg van de verkorting van de werktijd en het opkomende parttime werken in de tachtiger jaren. In die tijd werden er enquêtes en andere instrumenten ontwikkeld om aan te tonen, hoeveel werkplekken er door een organisatie bespaard konden worden als de leegstand zou kunnen worden teruggedrongen. Het wisselen van werkplekken werd een middel om werkplekken, dus ruimte en de aan de vierkante meters gerelateerde facilitaire kosten te besparen.
Dankzij de vorderingen van de ICT werd het steeds beter mogelijk om op elke plaats te werken. Toch bleef de ICT nog lang een kritische succesfactor. In de euforie van de ICT mogelijkheden werden vaak oplossingen nagestreefd, die de technologie binnen het bedrijf nog niet waar kon maken.

Aandacht voor veranderproces
Maar ook de medewerkers moesten er aan toe zijn. Kantoorinnovatieprojecten werden daarom voorzien van een veranderingstraject, waarbij het creëren van draagvlak, of met een Amerikaans woord buy-in een belangrijke rol vervulden. De medewerkers die niet overtuigd waren van de toegevoegde waarde van het flexkantoor, werken met behulp van laptops, mobiele telefoons en mooi vormgegeven meubilair alsnog verleid om mee te doen. In het streven de medewerkers te overtuigen werd een zoektocht gestart naar de beste argumenten. Betere communicatie door meer ontmoetingsmomenten, het eenvoudiger kunnen creëren van samenwerkingsverbanden voor een korte periode. Bijvoorbeeld bij het werken in projecten. Begrippen als zelfsturende teams, outputsturing en resultaatverantwoordelijkheid werden regelmatig genoemd. Toch bleef kostenbesparing nog steeds het centrale argument. Wel werd het beeld van de kosten verbreed naar de kosten van verandering. Een flexibel kantoor maakt minder verhuizingen nodig en de verhuizingen zijn vooral eenvoudiger. Dus een belangrijke besparing op de jaarlijkse verhuiskosten. Dankzij de ervaring met de verandertrajecten rondom de invoering van flexconcepten, ontstond het inzicht, dat het veranderen van de omgeving grote impact heeft op mensen. Vanuit dit inzicht werd de zaak ook omgekeerd benaderd. Niet een nieuwe werkomgeving als gevolg van de veranderde organisatie, maar het veranderen van de werkomgeving om een gewenste verandering de ondersteunen of zelfs te realiseren.

Aantrekkelijke werkgever
Inmiddels aangeland in de tweede helft van de negentiger jaren, toen de arbeidsmarkt zeer gespannen was en het binnenhalen van schaars talent  een issue was, werd het voor een deel van de bedrijven belangrijk om een hip imago te creëren. Voorbeelden kwamen uit de reclame branche en de dot-com bedrijven. De geboden werkomgeving moest aantrekkelijk zijn, met veel leuke extra’s om op onconventionele wijze te kunnen werken. De werkomgeving moest een sfeer oproepen van creativiteit. Het binden van medewerkers op basis van een werkstijl die past bij de lifestyle werd een belangrijk doel van de werkplekinnovatie. De ondernemers die kozen voor een innovatief kantoor, claimden een verhoogde productiviteit. Onderzoekers konden dit echter niet  eenduidig aan het kantoorconcept toeschrijven en tegenstanders kwamen met allerlei bezwaren, die evenzo vele negatieve effecten op de productiviteit illustreerden. Het bleef een kwestie van geloof in het concept.

Geloof in het concept
Juist dat geloven werd een belangrijk aspect in de verdere ontwikkeling van kantoorconcepten. Een geloof is een krachtig element dat mensen met elkaar verbindt. Het is een keuze. De manier waarop een organisatie zich wil gedragen bepaalt zij zelf. Het heeft alles te maken met het gewenste imago, met het zelfbeeld en met de wil om iets op een eigen manier te doen. Vanuit het bewustzijn dat het gaat om een keuze, zijn de aanpakken ook meer gericht geraakt op het opsporen van de motivatie achter de keuze en de manier waarop die keuze kan worden getoond. Voor het eerst wordt de werkomgeving gezien als een middel om te communiceren en als middelen om mensen uit te dagen Daarmee is de focus 180 graden gedraaid van kostengedreven naar businessgedreven.

Uitstraling
Als mensen willen laten zien wie ze zijn, bijvoorbeeld in de manier waarop zij zich kleden blijken ze veel over te hebben voor de aanschaf van een goede outfit. Het gaat niet meer op de prijs-kwaliteitverhouding van het product, maar om de met het product verkregen uitstraling. Daarmee zijn wij beland in de belevingseconomie. De consument van vandaag verlangt meer dan een product hij is bereid te betalen voor een beleving. In dit licht bezien is het geloof in het concept interessant. Het doet er niet zo veel toe wat de wetenschappelijke onderzoeken uitwijzen. Wat belangrijk is, is het delen van een keuze met “geloofsgenoten”. Het behoren tot een gemeenschap waarmee je, je stijl van werken deelt en die je ontmoet in omgevingen waarvoor je de voorkeur met elkaar deelt.

Continuïteit van beleving
Als de beleving een maatstaf wordt, wordt ook de continuïteit van de beleving in de ruimtelijke omgeving belangrijk. De continuïteit van de beleving als je bijvoorbeeld het gebouw uitgaat. Je neemt je laptop mee, je telefoneert gewoon verder en je verwacht dus ook meer continuïteit in de voorzieningen. Je wilt niet buiten het gebouw opeens in een zandstorm belanden in een niemandsland op weg naar je auto.
Dit betekent meer aandacht voor de stedenbouwkundige samenhang tussen gebouwen en meer aandacht voor de voorzieningen in de openbare ruimte. Ook binnen de gebouwen werkt dit door. De continuïteit van de eigen werkplek, gezamenlijke werkgebieden en de openbare voorzieningen, zoals de koffiemachines, de ontmoetingsplekken de restaurants en de ontvangstgebieden wordt steeds belangrijker.

Infrastructuur van voorzieningen
Een goede infrastructuur van voorzieningen, is een voorwaarde voor het goed functioneren van een omgeving, of het nu gaat om er te werken, te winkelen te leren of te wonen. Zoals de aantrekkelijkheid van een locatie onder andere bepaald wordt door de aanwezigheid van voorzieningen, zo wordt ook de aantrekkelijkheid van een werkplek binnen een gebouw bepaald door de aanwezigheid en de nabijheid van voorzieningen. De meest basale voorzieningen richten zich op de verzorging van de inwendige mens en op veiligheid. Waar mensen zich ook ophouden met welk doel zij ook bijeenzijn er zal altijd behoefte zijn aan iets te eten en te drinken en aan veiligheid.

Oorzaak en gevolg
Over het algemeen zijn we gewend de eisen aan voorzieningen af te leiden van de functie van de ruimte, het gebouw. Dit kan ook worden omgedraaid, Door het bieden van een voorziening ontstaat ook iets. Door bijvoorbeeld op een plein een tap neer te zetten, muziek te draaien en allerlei warme hapjes te bereiden ontstaat iets. Mensen blijven staan, eten en drinken wat, raken met elkaar in gesprek of gaan dansen. Misschien wordt het een wel een feestje. De voorziening die nodig was voor het creëren van dit feestje, was er eerst. Maar als mensen deze voorziening anders interpreteren en vinden dat het een plek is, waar je de bereide hapjes met elkaar kunt vergelijken, dan is het een soort markt, waar je de hapjes koopt, laat inpakken en thuis opeet. De relatie tussen de voorziening en de wijze waarop er gebruik van gemaakt wordt is meer dan een eenvoudig oorzakelijk verband. De interpretatie door de bezoeker speelt een belangrijke rol.

Veranderingsbestendige basis
Juist het ontbreken van een direct oorzakelijk verband biedt de mogelijkheid tot het creëren van flexibiliteit. Door uit te gaan van de primaire behoeften van de mens, ontstaat de meest stabiele en veranderingsbestendige basis voor het ontwikkelen en inrichten van een flexibele werk- of leefomgeving. De voorzieningen zijn niet langer ondersteunend aan de functie van een gebouw, maar zijn voorwaardenscheppend voor verschillende vormen van gebruik. Het is niet zo spannend of het gebouw nu een kantoor, een restaurant of een hotel genoemd wordt, als er de juiste voorzieningen aanwezig zijn om te kunnen werken.

Download het oorspronkelijke artikel op de downloadpagina

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s