Het ontstaan van “plekzoekende werkers”

plekzoeker-cartoon2

Nu de informatietechnologie het mogelijk maakt om op allerlei plekken je werk te doen, wordt je als onderneming en als medewerker gedwongen te blijven nadenken over de vraag welke omgeving het beste past bij een bepaald soort werk. Is de plek waar nu gewerkt wordt wel de meest optimale vorm van ondersteuning en inspiratie voor dit soort werk?
Als werknemers steeds meer afgerekend worden in termen van geleverde prestaties, zal de werknemer daarmee ook zelf verantwoordelijk worden voor het ontwikkelen van de meest effectieve werkstijl en zal hij de vrijheid willen hebben die meest effectieve stijl van werken ook te ontdekken en vorm te geven. Dit betekent dat werknemers zich bewust worden van de invloed die de omgeving heeft op hun effectiviteit en de invloed die zij kunnen uitoefenen om de omgeving zo in te richten, dat zij optimaal kunnen werken. Dit kan ver gaan. Dit kan betekenen dat werknemers verschillende stijlen ontwikkelen voor verschillende soorten werk. Voor het schrijven van een rapport huren zij bijvoorbeeld een hutje aan het strand, voor het houden van een bespreking spreken zij af in het zwembad en voor het nadenken over een nieuwe marketingstrategie maken ze een wandeling door de Kalverstraat.

Dit soort werknemers, die zelf actief de werkplek opzoeken of creëren om hun meest effectieve werkstijl te kunnen ontplooien, zou je “plekzoekende werkers” kunnen noemen. Deze “plekzoekende werkers” willen actief kunnen kiezen uit een zich steeds vernieuwend en inspirerend aanbod aan omgevingen. De “plekzoekende werker”, die afgerekend wordt op een te leveren prestatie tegen een overeengekomen beloning krijgt de kosten voor zijn werkplek ondersteuning individueel doorbelast. Als het werk of de werkplekken niet inspirerend genoeg meer zijn, raakt de “plekzoekende werker” zijn interesse in de organisatie kwijt en zoekt hij zijn heil ergens anders.

Tegenover dit soort zelfbewuste zelfgeorganiseerde werkers past geen normerende facility manager meer. De werker weet zelf wel wat hij wil en hij vraagt gewoon de beste kwaliteit voor de laagste prijs. De facility manager moet zorgen dat er een blijvend boeiend aanbod is dat de interesse van zijn klant vasthoudt. Hij moet meedenken met zijn klanten om ze te begrijpen, zodat er beter geanticipeerd kan worden op hun vragen, maar niet om ze te adviseren vanuit een specifieke deskundigheid. Als de sturing geheel is overgedragen aan de klant, weliswaar op de achtergrond bewaakt door het budget dat de klant heeft binnen de werkrelatie, moet de facility manager zijn sturing baseren op interne marketing.

De werker is zelf verantwoordelijk voor zijn eigen prestatie en daarmee voor de keuze van zijn gereedschap en zijn werkomgeving. Hij is de enige die de deskundigheid bezit om deze faciliteiten maximaal te laten bijdragen aan zijn prestatie. De facility manager is verantwoordelijk voor het concurrerend en kostendekkend aanbieden van een breed en flexibel aanbod dat dermate uniek is, dat de werkers nooit elders hoeven te shoppen.
Wat betekent dit nu concreet voor de organisatie van FM, ICT en het HRM? Wanneer is een organisatie klaar voor deze hoge graad van zelforganisatie van haar medewerkers en haar partners? Het facilitair bedrijf dient goede systemen te hebben voor voorraadbeheer, facility planning, beheer van het productassortiment, interne reservering, interne contractering en gedetailleerde facturering op medewerkerniveau. De werkplek moet met dezelfde frequentie kunnen worden gereserveerd en gebruikt als bijvoorbeeld vergaderzalen. De organisatie bevindt zich als het ware in een permanente staat van verhuizing, zij het dat de spullen blijven staan en dat de werkers bewegen. Telewerken en desk-sharing worden niet beschouwd als een uitzondering, maar worden tot regel van de systemen gemaakt. Iemand met een vaste werkplek is een mobiele (tele-)werker die ‘toevallig’ steeds van dezelfde plek gebruik maakt.

Als het facilitair bedrijf volledig marktgedreven gaat opereren, verdwijnt de noodzaak om deel van de organisatie te zijn. Een facilitair bedrijf kan zich op profileren, door zich te richten op een bepaald marktsegment, bijvoorbeeld adviseurs, of verkopers, of op een bepaalde productgroep, bijvoorbeeld kantoorvilla’s in de binnenstad, of conferentieoorden op de hei.
Het human resource management en het informatiemanagement blijven aan de organisatie gebonden. Hun taak is het beheren van de relatie tussen het bedrijf en de plekzoekende werkers, in de zin van: Hoe houden wij greep op strategische resources, zoals mensen en informatie.

(Facility Management Magazine, mei-juni 1995)

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s